Het aantal ernstige en zeer ernstige scheepsongevallen op de Nederlandse binnenwateren is in 2025 gestegen. Op de Noordzee bleef het aantal ernstige ongevallen stabiel. Dat blijkt uit de jaarlijkse ongevalscijfers over de scheepvaart die minister Karremans van Infrastructuur en Waterstaat afgelopen zomer naar de Tweede Kamer stuurde. De cijfers zijn afkomstig uit de landelijke SOS-database van scheepsongevallen, beheerd door Rijkswaterstaat.
De toename van het aantal (zeer) ernstige scheepsongevallen op de binnenwateren is met name terug te zien bij ongevallen met recreatievaart. In 2025 was de recreatievaart betrokken bij 143 (zeer) ernstige ongevallen, in 2024 was daar in 101 gevallen sprake van. Voor de beroepsvaart geldt dat deze in 2025 115 keer was betrokken bij een (zeer) ernstig scheepsongeval, in 2024 was dit 121 keer; dat is een lichte daling. In 2025 vonden 104 enkelzijdige (zeer) ernstige scheepsongevallen met recreatievaart plaats, in 2024 was dit aantal 65. Daarbij is alleen het betreffende schip betrokken (bijvoorbeeld brand, explosie, omslaan of zinken) en vindt dus geen aanvaring met een ander schip, infrastructuur of object plaats. In 2025 nam het aantal ernstige ongevallen tussen beroepsvaart en recreatievaart toe naar 11 (in 2024 was dit er 1).
Er waren in 2025 8 dodelijke slachtoffers te betreuren, waaronder maar liefst 6 recreatievaarders. 3 mensen kwamen om door aanvaring met een beroepsschip, 1 als gevolg van aanvaring tussen recreatieschepen en 2 doden als gevolg van enkelzijdige ongevallen. De gegevens zijn afkomstig uit de door Rijkswaterstaat beheerde SOS-database, maar het is daarmee niet mogelijk om het verband te leggen naar snelvarende pleziervaartuigen.

